vrijdag 23 maart 2012

Onze tijdsbeleving is een illusie

In de HP/ de Tijd van afgelopen week staat een fascinerend interview met de Amerikaanse neurowetenschapper  David Eagleman. De titel luidt: "Het ik is een sprookje" en het interview gaat dan ook vooral over het illusoire karakter van ons ik en ons bewustzijn, waarover een andere keer meer.
Het verhaal opent met een anecdote over tijdsbeleving. Hij viel als jongetje van acht van het dak van een huis. Dat leek wel een eeuwigheid te duren. Het leek wel of het in slow motion ging. "Ik voelde mij volkomen rustig en tegelijk heel scherp van geest. Zo moet Alice in Wonderland zich hebben gevoeld toen ze in het hol van het Witte Konijn viel." Zijn conclusie: onze tijdsbeleving staat los van de werkelijke tijd. Het is niet eens duidelijk wat "werkelijke tijd" is. Het is goed mogelijk dat die niet eens bestaat.
Ha die ken ik dacht ik bij lezing.
Nog meer een jaar of tien geleden reed ik op de fiets door een plas op weg. Die plas verborg een flink gat in de weg waarin mijn fiets abrupt tot stilstand kwam. Mijn stuur brak af en ik katapulteerde hals over kop voorwaarts. En lang dat het duurde! Ik had alle tijd van de wereld om te overwegen wat mij was overkomen, mij af te vragen hoe ik terecht zou komen, of ik mijn nek zou breken, of de fietsreparatie duur zou worden of de eieren in de fietstas nog heel zouden zijn etcetera. En dat alles in achteraf verbijsterende gemoedsrust en sereniteit. Volledig verzoend met het leven vloog ik het asfalt tegemoet. En landde overigens nogal gelukkig op mijn schouder - een blessure die al na een paar weken over was.
Mijn conclusie was indertijd ook al dat onze tijdsbeleving buitengewoon relatief is. Maar vooral dat het zo jammer is dat die ervaring heel moeilijk herhaalbaar is zonder zo een externe schok. Je kunt de tijdsbeleving maar heel beperkt manipuleren. In mijn ervaring is een zekere verschuiving in de tijdsbeleving aan de orde onder invloed van marihuana. En voor sommigen wellicht ook tijdens meditatie.
De enige andere situatie waar zich een vergelijkbare ervaring voordoet die ik ken is eigenaardig genoeg tijdens sportbeoefening. Als tiener heb ik -op een heel laag niveau- basketball gespeeld. In de roes van het spel kwam het zelfs op mijn niveau een enkele keer bij een korte vlaag voor dat de tijd verschoof. De tegenstanders die op mij af kwamen hollen leken als in stroop te bewegen en ik had alle tijd van de wereld om de bal met onvermijdelijke precisie in de handen te spelen van mijn traag wegspurtende medespeler. Een seconde later was ik dan weer mijn gewone middelmatige zelf.
Topspelers hebben dit ongetwijfeld langer en veelvuldig. Dat is misschien wel meer nog dan atletisch vermogen hun voornaamste kenmerk. Iemand als Cruyff kan maar niet begrijpen dat de anderen het niet "zien".

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen