woensdag 9 november 2011

Godsdienstgeschiedenis 1: het langzaam verdwijnen van God

Onder de titel het breiende vrouwtje heb ik voor de aardigheid nog maar eens gememoreerd dat er vanuit kennistheoretisch oogpunt geen enkele behoefte bestaat om wetenschappelijk te bewijzen dat God niet bestaat. Toegegeven: een tamelijk overbodige bezigheid.
Bovendien is het veel gezelliger om de claim dat God bestaat eenvoudig te pareren met de vraag: welke?
Dat geeft weer eens aanleiding om het geheugen op te frissen over de godsdienstgeschiedenis die immers een fascinerend perspectief biedt op al het menselijk ploeteren en zoeken op deze aardkloot. Ik steun voor de feiten gemakshalve op Wikipedia, maar zal mij proberen te onthouden van psychologische duidingen.
In het begin waren de goden overal. Bij elke bron, op of in elke berg, achter elk onweer en in elk huis al dan niet als voorouder. Een animistisch rommeltje. In de polytheistische fase werd er -grote stap voorwaarts- wat meer systeem in gebracht doormiddel van fusie: alle locale brongoden werden bijeengebracht onder 1 godin van de bronnen en ook handel en diefstal konden best samen met 1 god toe (hetgeen overigens van het nodige psychologisch inzicht getuigt zoals we het laatste decennium weer hebben kunnen merken). Dat leverde alleraardigste pantheons op. Denk aan de Egyptische, Griekse en Germaanse godheden. Maar de goden verdwenen een beetje uit het straatbeeld en stegen op naar een niet nader omschreven hogere locatie als Olympus of Walhalla - al konden ze zich nog naar believen mengen in de loop der gebeurtenissen. Overspel en verkrachting, diefstal, jaloezie, wraak ... aan elke minder aanbevelingswaardige menselijke karaktertrek of activiteit gaven ze zich naar hartelust over. Bovendien waren ze verre van almachtig want voortdurend in onderlinge strijd gewikkeld. De mythes die hun belevenissen beschrijven lezen dan ook als een soap-opera. De Hindoe goden weten er trouwens nog steeds aardig weg mee.
Ook de grote matriarchistische godsdiensten waren als ik het wel heb nog nog ten dele polytheistisch want er figureerde altijd op zijn minst een broer, minnaar (of allebei tegelijk) of zoon. En de Isisdienst wist ook nooit helemaal het alleenrecht te veroveren. Nee de ellende begon pas echt bij de volgende "vooruitgang" naar het paternalistisch monotheisme van grote godsdienstvernieuwers als Achnaton en Moses.

wordt vervolgd

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen